Samen leven doe je samen!

Opga­ven van woningcorporaties
Naar het overzicht

‘Schou­der aan schou­der de woon­cri­sis aanpakken’

Maan­dag 9 novem­ber 2020 debat­teert de Twee­de Kamer met minis­ter Ollong­ren over haar woon­be­gro­ting. Ook de ver­huur­der­hef­fing en de beste­dings­ruim­te en opga­ven voor woning­cor­po­ra­ties komen aan bod. In aan­loop naar dit debat stel­len wij wat vra­gen aan Mar­tin van Rijn, die sinds 1 sep­tem­ber de nieu­we voor­zit­ter is van Aedes ver­e­ni­ging van woningcorporaties.

Hoe rea­geer­de de poli­tiek op het onder­zoek ‘Opga­ven en mid­de­len corporatiesector’?
“Tij­dens mijn ken­nis­ma­kings­ron­de met de frac­tie­voor­zit­ters en de woord­voer­ders wonen in de Twee­de Kamer heb ik gemerkt dat het rap­port voor ieder­een dui­de­lijk maakt dat er wat moet gebeu­ren aan de inves­te­rings­ruim­te van woning­cor­po­ra­ties. Want onze opga­ven zijn groot: woning­bouw, ver­duur­za­ming en per­spec­tief bie­den in kwets­ba­re wij­ken. De tijd is voor­bij dat poli­tiek en cor­po­ra­ties met de rug naar elkaar staan. We moe­ten juist schou­der aan schou­der de woon­cri­sis aanpakken.”

Wat wilt u dat het nieu­we kabi­net gaat doen, dit onder­zoek in ogen­schouw nemende?
“Wonen staat geluk­kig weer hoog op de agen­da in poli­tiek Den Haag. Dat bleek ook wel uit de plan­nen die het hui­di­ge kabi­net op Prins­jes­dag pre­sen­teer­de. We heb­ben met minis­ter Ollong­ren en gemeen­ten afspra­ken gemaakt om de woning­bouw te ver­snel­len. Cor­po­ra­ties heb­ben mas­saal gebruik­ge­maakt van de kor­ting op de ver­huur­der­hef­fing voor nieuw­bouw. Gemeen­ten zor­gen er op hun beurt voor dat er bouw­lo­ca­ties komen en dat bouw­pro­ce­du­res snel­ler gaan. En we kun­nen, al is het voor­lo­pig maar voor drie jaar, weer mid­den­huur­wo­nin­gen gaan bou­wen. Voor kap­sters, bus­chauf­feurs, lera­ren, ver­pleeg­kun­di­gen en poli­tie­agen­ten, die nu tus­sen wal en schip val­len omdat ze net teveel ver­die­nen voor een soci­a­le huur­wo­ning en te wei­nig voor vrije sec­tor­huur of koop.

Ik vind het goed dat dit kabi­net nu laat zien dat het iets wil doen aan de woon­cri­sis. Maar eer­lijk gezegd zijn het natuur­lijk lap­mid­de­len. Om meer betaal­ba­re huur­wo­nin­gen te kun­nen bou­wen, om bestaan­de hui­zen te kun­nen ver­duur­za­men en om iets te kun­nen doen aan de soci­a­le cohe­sie in wij­ken, is een struc­tu­re­le oplos­sing nodig.”

Wat wilt u dat er gebeurt met de ver­huur­der­hef­fing en wat ver­wacht u?
“Daar kan ik kort over zijn: afschaf­fen. En de tota­le belas­ting­druk voor cor­po­ra­ties ver­la­gen. Daar­mee help je al die men­sen die nog steeds wach­ten op een betaal­baar huis pas echt. In de Twee­de Kamer is er al lan­ger geen draag­vlak meer voor de ver­huur­der­hef­fing. En dat zie je ook terug in de ver­schil­len­de verkiezingsprogramma’s die de afge­lo­pen weken zijn gepre­sen­teerd. Het lijkt er ech­ter op dat het hui­di­ge kabi­net niet meer zal doen dan de Prins­jes­dag­maat­re­ge­len. Dat is de poli­tie­ke realiteit.”

Er blijft dus een belang­rij­ke opdracht lig­gen voor het vol­gen­de kabi­net. Er zal een poli­tie­ke keu­ze voor wonen moe­ten wor­den gemaakt. Het kan bij­na niet anders dat we dat geluid van­daag tij­dens het debat in de Twee­de Kamer al horen.”

Uit: Over Wonen Gespro­ken, novem­ber 2020

Bron: Por­taal